In de Blue Mountains
Vannacht voor het eerst geslapen in de camper. We stonden boven op een berg in de Blue Mountains, zo’n 1.000 meter boven … uh, ja boven wat eigenlijk? Sealevel? Nou ja, doet er ook niet toe. En het was koud! Zo hee, dat was niet leuk meer. Vooral omdat de kachel weigerde warme lucht te produceren. Merel en ik zijn samen in bed gekropen met 2 dekbedden over ons heen. Dat was redelijk behaaglijk. Theo was supermoe en die heeft zich dik aangekleed en viel in 5 minuten in slaap.
Toch best goed geslapen tot een uurtje of half 8. Merel heeft ontbijt gemaakt: toast en (oplos)koffie. Uurtje later waren we klaar en hebben we eindelijk een internetaansluiting gevonden. Helaas maar een half uurtje en dan ook nog heel erg traaaaaaaaaaag dus erg veel verder dan ons reisblog bijwerken, e-mail checken (goed te horen dat het zo goed gaat met Kuki, Anja! Pak van ons hart) en kijken of we nog geld op onze rekening hebben ben ik niet gekomen. Maar hopelijk vinden we binnenkort een plekkie waar we onbeperkt online kunnen en dan ga ik ook eens kijken of ik wat foto’s kan plaatsen. Want die hebben we natuurlijk ook!
Vandaag stonden de grotten van Jenolan op het programma. Theo reed, Merel leest kaart. Over weggetjes waar ik zelfs met de auto klamme handen van zou krijgen reed Theo onze megacamper de bergen door. Ultiem vakantiegevoel, die uitzichten. Leek wel een beetje op de alpen hier en daar. Op sommige plekken leek het het Westerpark na een bezoekje van onze vrienden van Ballast Nedam, met dat verschil dat de Australische hakkers de omgehakte bomen bijna volledig meegenomen hadden en er rijen en rijen nieuw groen voor in de plaats hadden gezet. Over 10 jaar is dat weer een groene bergwand. Indrukwekkend.
Vlak voor Jenolan cave, in een smal bochtje hoorden we ineens een akelig geluid: we zijn ergens tegenaan gereden! Verderop even gestopt en toen bleken we een paaltje (betonnen blok) van de vangrail geaaid te hebben. De deur is licht ontzet (met wat extra kracht) kan ie gelukkig nog wel open. En weer dicht ook. Er ontbreekt een houdertje van het haakje waarmee je deur kunt openzetten, wat lichte krassen op de zijkant en de sierstrip om het deurtje van de gasflessen gebarsten. Oeps. Proberen te bellen met de boys van Apollo, maar helaas, geen bereik in de bergen.
Geschrokken en balend maar weer ingestapt, verder naar Jenolan. Daar een tour van een uur door één van de grotten gemaakt. Het was voor Merel voor het eerst in een grot en ze vond het leuk. Ze heeft een hele berg foto’s gemaakt met haar eigen cameraatje. Meer dan ik. Hahaha, aardje naar haar moertje.
En toen op weg naar Goulburn. Onze laatste stop voor Canberra. Toen we de ergste kronkelweggetjes achter ons gelaten hadden, ben ik achter het stuur gekropen. Nou, dat ging prima. Geen paaltjes geraakt (gniffel). Na een tijdje had ik het wel weer gezien en ben ik weer achterin gaan zitten. En net toen hebben Theo en Merel de eerste wilde kangoeroes gezien. Ik zat achterin niet op te letten dus ik heb ze gemist. Grmbl.
Laat in de middag kwamen we bij de camping aan. Gekookt, gedoucht, spelletjes gespeeld en toen weer vroeg ons koude mandje in. Morgen gaan we naar Canberra. Daar gaat Theo op kennismakingsgesprek bij het Australian Bureau of Statistics en we gaan naar een garage om de deur van de camper te laten maken, want die krijgen we nu alleen met grof geweld nog open en dicht. De scharnieren zijn een beetje (ahum, heel erg) gebogen door de kus van het betonnen paaltje. Gelukkig zijn we goed verzekerd ….
Reacties
Reacties
Leuk om te horen dat jullie met een camper rijden. Stom dat ze nou juist daar dat betonnen paaltje hebben geplaatst. Laat niet je humeur vergallen door een paaltje.
Reageer
Laat een reactie achter!
- {{ error }}